woensdag 6 oktober 2010

MTB-weekend Quebec

107

Het derde weekend van september stond er weer een weekendtrip met de mountainbikeclub op het programma. Dit keer in de regio van Quebec City. Het najaar is de mooiste tijd van het jaar in Quebec: fris maar helder zonnig weer, en de blaadjes aan de bomen krijgen de prachtigste kleuren. Een goed moment dus om de natuur in te trekken.

Zaterdagochtend vroeg vertrek ik, alleen, in m'n Communauto, richting Saint-Raymond. Al snel na het verlaten van Montreal trekt de lucht dicht en de volgende drie uur rijd ik door dikke mist. Bij het verlaten van de snelweg klaart het gelukkig op en even later rijd ik de prachtige Vallée Bras du Nord in. Het doet een beetje aan Vermont denken: veel groen, weilanden, heuvels, bossen, en mooi gekleurde houten boerderijen. Na de laatste 5 kilometer over een onverharde weg kom ik bij de parkeerplaats aan van het park Vallée Bras du Nord, waar ik de andere clubleden tref.

Na de gebruikelijke praatjes en groepsfoto gaan we met de hele groep op weg. De trails hier zijn speciaal voor mountainbikers aangelegd. Hierbij is meestal een dikke laag zand over de met wortels en stenen bezaaide ondergrond aangebracht, waardoor er een stuk vlotter rijdbaar pad ontstaat. Een fijne afwisseling met de supertechnische trails in de buurt van Montreal.

De rit voert eerst een stuk langs de rivier (de Bras-du-Nord) en zoekt daarna de hellingen op. Veel leuke trails met veel snelle bochten, een beetje een rollercoastergevoel. Het idee achter deze trails is duidelijk: weinig echt klimwerk of supertechnische stukken, maar gewoon lekker op en neer en heen en weer slingerende paden met een maximale funfactor. De lunchpauze houden we bij een prachige waterval diep in het bos. Ook het tweede deel van de rit vliegt voorbij. We sluiten af met "La Beurre d'érable", een fantastische trail die wild heen en weer door het bos slingert. Met hoge snelheid rijden onder ontelbare blauwe slangen door die tussen de bomen gespannen zijn: hiermee wordt de sap uit de bomen afgetapt om de bekende maple syrup van te maken. Als toetje moeten we de rivier weer terug oversteken, over een wankele hangbrug.



Iedereen komt uitgelaten terug op de parkeerplaats. Na het omkleden zetten we in kolonne koers naar de lokale snackbar in Pont-Rouge voor een portie poutine, de Frans-Canadese versie van fast food, in de vorm van slappe patat met blokjes jonge kaas en een dikke laag jus. Na ruim twee jaar is dit de tweede keer in mijn leven dat ik poutine eet, en ik denk dat ik er wel weer twee jaar tegenaan kan. Laten we het erop houden dat het in ieder geval de maag vult.

Na deze traditionele versnapering wordt koers gezet naar Lac-Beauport, waar we ons op de camping van de Sentiers du Moulin installeren. Hier gaan we de volgende dag de trails onveilig maken. Na een gezellig etentje in de lokale kroeg duiken we in de regen de tent in.



De volgende ochtend is het weer helemaal opgeklaard, en na een slome start staan om een uurtje of 10 de meesten klaar voor de start. Wederom gaan we met de hele groep tegelijk weg, en meteen wordt duidelijk dat dit andere koek is. Na de vloeiende trails in Bras du Nord, nu supertechnische paden vol wortels en vooral stenen. De ondergrond is door de regen van de vorige avond bovendien nog behoorlijk nat en dat is behoorlijk oppassen geblazen. We klimmen langzaam maar gestaag over de vele obstakels. Het is hard werken maar uiteindelijk wordt de inzet beloond. Via waanzinnige singletracks dalen weer af. Rotsachtige stukken worden afgewisseld met snelle slingerbochten. Er lijkt geen eind aan te komen. Eenmaal beneden vinden we een half verborgen watervalletje. Nu moeten we weer terug klimmen. Via meer gave singeltracks dalen we weer terug naar de camping. Het is een korte maar zeer intensieve rit geweest over geweldige trails!

Als je zoveel plezier hebt gaat het weekend snel voorbij, en na het afscheid nemen stap ik weer in de auto voor de drie en een half uur durende rit terug naar Montreal. Drie en een half uur lekker nagenieten!

Meer foto´s

map-montreal-quebec

vrijdag 24 september 2010

Whistler



Na de eerste week van mijn vakantie in Vancouver te hebben doorgebracht, stond de tweede week in het teken van, hoe kan het ook anders, mountainbiken. De omgeving van Vancouver is een mountainbikemekka, en staat vooral bekend om de extreem technische trails. Onbetwiste hoofdstad van dit paradijs is Whistler, twee uur ten noorden van Vancouver.

Vanuit de stad heb ik eerst de Greyhoundbus gepakt naar Squamish, halverwege de prachtige "Sea to Sky Highway" van Vancouver naar Whistler. In de bossen nabij dit voormalige houthakkersplaatsje heb ik een flinke "opwarmrit" gemaakt over geweldige trails. Een plaats om nog eens terug te komen en wat meer tijd door te brengen.

De volgende dag kwam ik vrij vroeg in Whistler aan. Ik kon eigenlijk pas eind van de middag inchecken in mijn hotel, maar ik werd door de leuke dames aan de receptie prompt geupgrade naar een compleet appartement waar ik meteen in kon! Ook bij de fietsverhuur kreeg ik mijn mountainbike, die ik pas voor de volgende dag gereserveerd had, al mee. Zo kon ik nog even snel een middagritje maken in het Lost Lake Park vlakbij Whistler Village, wederom over fantastische paden.

Na een heerlijke nacht in mijn queen size bed meldde ik me de volgende morgen bij Whistler Bike Guide. Ik had voor de eerste dag een gids besproken. Er is een duizelingwekkende hoeveelheid aan trails in en rond Whistler, en de moeilijkheidsgraad is zo nu en dan behoorlijk intimiderend. Het idee was daarom om de gids mij wat wegwijs te laten maken, zodat ik trails zou kunnen rijden die voor mij uitdagend maar niet te moeilijk zouden zijn. Bovendien wilde ik wat coaching om de techniek weer naar een hoger niveau te brengen. En het moet gezegd worden dat gids Cory één van de beste was die ik heb meegemaakt. We hebben een fantastische rit gemaakt over een uiteenlopende mix van trails, waarbij soms het uiterste van mijn techniek werd gevraagd. Sommige stukken vond ik behoorlijk intimiderend en zou ik normaal zeker niet gereden hebben, maar met de coaching van Cory wist ik mezelf steeds weer te overwinnen en de moeilijke passages heelhuids door te komen. Ik vond het behoorlijk heftig, de adrenaline gierde door mijn lijf! Dat is ook behoorlijk vermoeiend zo bleek want op een gegeven moment ebde de concentratie weg, en ging ik behoorlijk op m'n plaat. Gelukkig alleen schrammen en beurse plekken. Het hoort er nou eenmaal bij, als je je grenzen probeert te verleggen. We hebben daarna maar wat rustiger aan gedaan en de rit afgemaakt over wat makkelijkere paden.

Na deze enerverende rit de volgende dag maar wat kalmer aan gedaan. Er was ook regen voorspeld dus lekker uitgeslapen en een beetje aangerommeld. 's Middags nog wel een mooi ritje gemaakt tussen de miezerbuitjes door, over leuke paden langs een riviertje.



De laatste dag in Whistler had ik een monstertocht gepland. Ik had voor de hele dag een gids gehuurd en wilde Comfortably Numb rijden, een gruwelijk technische trail van 24 km door de "backcountry" van Whistler. De trail is zo technisch dat de gemiddelde rijtijd rond de 5 uur ligt! Ik had wat overtuigingskracht nodig om gids Scott warm te laten lopen voor dit plan, maar uiteindelijk werd er proviand ingeslagen, een lift naar de trailhead geregeld, en kon het avontuur beginnen. De trail maakte alle verwachtingen waar: 4 uur lang klimmen over smalle paadjes vol wortels en stenen, door dichte bossen en soms door wat meer open stukken over grote plakken graniet. De enige mogelijkheid om ons te bedenken was na 1 uur, daarna gingen we echt de wildernis in, geen water, geen mobiel telefoonsignaal, geen weg terug. Na eindelijk het hoogste punt bereikt te hebben, volgde nog een flink stuk wat op en neer ging, en voelde alsof het voornamelijk omhoog liep. Daarna eindelijk de afdaling. Een uur lang dalen over wederom technische paden, nu behoorlijk rotsachtig en met veel scherpe stenen. Na een dikke 5 uur kwamen we uiteindelijk in het Lost Lake Park park uit en konden we rustig over het fietspad uitrollen terug naar het dorp. Met een biertje op het terras heb ik met Scott geprobeerd te bedenken hoe je deze trail nou het beste kunt omschrijven, maar we zijn er niet uitgekomen. Deze trail kun je alleen begrijpen als je hem een keer gereden hebt. Wederom een klassieker om op het palmares bij te schrijven!

De volgende dag heb ik uitgecheckt en mijn rugtas bij Whistler Bike Guide gestald. Ik mocht de bike nog een dagje houden en ben rustig naar een uitzichtpunt gefietst. Prachtige uitzicht over Green Lake en de Whistler Valley. Ik was behoorlijk gaar van de dagen ervoor maar heb toch nog een gave trail gedaan. "River Runs Through It" is een klassieker in Whistler en ligt vol met houten stunts. Normaal niet echt mijn ding maar bijna ieder stunt heeft een moeilijke en een makkelijke variant, en meestal is er ook de optie om er gewoon omheen te rijden. Op die manier toch nog een hoop lol gehad, en na afloop even lekker op een bankje aan een meerjte in de zon uitgeblazen. De vakantie zat er nu echt op. Fiets ingeleverd, gedoucht in de bike shop, snelle hap gehaald, en klaar gemaakt voor vertrek. Met bus en trein ben ik naar het vliegveld gereisd, alwaar ik een comfortabel bankje heb uitgezocht om nog een paar uurtjes te slapen. De volgende ochtend vroeg de lucht in en aan het eind van de dag was ik weer thuis in Montreal.

map-vancouver-whistler

vrijdag 27 augustus 2010

Vancouver

Vancouver

Een beetje verwend zijn ze wel, de inwoners van Vancouver. Water, strand, bergen, eilanden, ze hebben het allemaal binnen handbereik. Het grootste stadspark, de schoonste lucht, consequent hoge scores in onderzoeken naar leefbaarheid, het kan niet op. Dat downtown Vancouver eigenlijk verder helemaal niet zo bijzonder is (geen in het oog springende architectuur of bijzondere historische gebouwen, geen mooie pleinen of gezellige terrasjes, gewoon een gemiddelde Noordamerikaanse stad) doet er niet toe. De rasechte Vancouverite haalt daar zijn schouders over op en gaat na het werk nog lekker even kajakken in English Bay, hardlopen langs de Seawall, of gewoon met een biertje op het strand van de zonsondergang genieten. Of hij neemt 's middags vrij en gaat nog even een paar uurtjes skiën of mountainbiken. Wie zeurt er nou over gebouwen als je dat allemaal naast de deur hebt.

Kortom, Vancouver is een stad voor niet-stadsmensen, mensen met een outdoorhart. Wonen midden in de overweldigende natuur, met alle gemakken van een grote stad. Eigenlijk een stad gemaakt voor mensen zoals ik! Ik wilde dan ook al heel lang een keertje in Vancouver rondkijken, dus na een kleine vier maanden hard werken (en afzien vanwege de tropische warmte) in Montreal, was het de hoogste tijd om er even twee weekjes tussenuit te piepen en richting westkust te vliegen.

Zo zat ik na een late aankomst de vorige avond, 's ochtends lekker op een bankje aan de waterkant met een Subwaybroodje van het uitzicht en de frisse zeebries te genieten. Wat een verademing na die klamme hitte in Montreal! Voor m'n neus komt het ene na het andere pruttelende watervliegtuigje voorbij, die vertrekken hier zo direct vanuit de baai richting één van de vele eilanden voor de kust. Het opstijgen en landen is iedere keer weer een spectaculair gezicht.

Ik heb de eerste dagen de binnenstad verkent, maar zoals gezegd, valt daar weinig te beleven. Gastown is het oude historische hart van Vancouver, met gezellige kroegjes en restaurantjes, maar meer dan één straat met een paar zijstraatjes is het niet. Chinatown is leuk om even doorheen te wandelen, en er is een prachtige Chinese tuin met een weldadige rust zo midden in die drukke stad. Voor de kunstliefhebbers is er de Vancouver Art Gallery (kaartje 22 dollar), en voor de sportliefhebbers een sportmuseum in BC Place, het ijshockeystadion. Daarmee heb je downtown Vancouver wel zo'n beetje gezien. Prima stad, maar verder niets bijzonders.

Stanley ParkDe echte aantrekkingskracht van Vancouver zit 'm echter in de prachtige omgeving. Om de hele stad ligt een loop- en fietsbare waterkant, de Seawall. Je hoeft de Seawall maar te volgen en je komt vanzelf langs de mooiste plekjes: parken, stranden, haventjes, en natuurlijk de mooie uitzichten. Stanley Park is de trots van Vancouver. Dit enorme park ligt op een soort schiereiland en biedt bos, strand, totempalen, een aquarium, gras om lekker in de zon te liggen en van het uitzicht op de stad te genieten, en natuurlijk de Seawall waar de locals hardlopend, fietsend of skeelerend tussen de toeristen door laveren. Het is onmogelijk om niet voor Stanley Park te vallen.

Zo heb ik een kleine week lekker door Vancouver gestruind, met de Seawall als uitgangspunt, steeds een stukje verkennen en weer wat nieuws ontdekken. De mooiste zonsondergangen zie je in English Bay, waar je vanuit downtown zo het strand op loopt. Of een stukje verder in Kitsilano, waar hippe yuppies en oude hippies 's avonds op het hondenuitlaatstrand een praatje met elkaar maken. Leukste plek voor een lunch is Granville Island, waar je op de markt biologische groente en fruit koopt, of versgevangen vis, en een broodje om aan de waterkant op te eten en naar de schattige piepkleine watertaxi's te kijken. Op cultureel gebied is een uitstapje naar de universiteitscampus een must, want daar vind je het Museum of Anthropology, met een prachtige collectie authentieke totempalen en andere voorwerpen van de oorspronkelijke bewoners van Noord-Amerika.

Hoogtepunt (letterlijk) van deze week was een vluchtje met een watervliegtuig. Geen betere manier om te prachtige ligging van de stad te zien. Ik mocht voorin naast de piloot plaatsnemen. Oordoppen in, opstijgen vanaf het water, en dan zo om Stanley Park heen, over de Lions Gate Bridge de baai uit, over de bergen ten noorden van de stad, terug nog een rondje over Downtown Vancouver, en dan weer landen in de baai. Geweldig! Vele malen beter dan het uitzicht vanuit de Vancouver Lookout, een uitzichtpunt bovenin een toren in de binnenstad. Na de landing, stak er zelfs nog even een zeehond zijn kopje boven het water uit, zo naast het vliegtuig. Fantastisch ervaring, zeker het geld waard!

Ik ben ook nog even bij de meest bezochte attractie van Vancouver gaan kijken: de Capilano Suspension Bridge. Dit is een touwbrug over een ravijn in North Vancouver. Ooit gemaakt door en voor houthakkers, maar sinds jaar en dag een populair toeristentripje. Zoals verwacht was dit een regelrechte toeristenfuik. Voor 33 dollar mag je over de wiebelende brug, zo de grootste souvenirwinkel van Vancouver inlopen. Er is wel een gratis shuttlebus vanuit de binnenstad, dat wel.

InukshukHet is echter veel leuker om zelf de Seabus naar North Vancouver te nemen. Deze veerpont brengt je voor een habbekrats naar de overkant. Ik heb in North Vancouver nog even een helmcamera aangeschaft, net op tijd voor het vervolg van mijn avontuur aan de westkust, in het mountainbikemekka Whistler (daarover binnekort keer meer!).

Mijn weekje in Vancouver heb ik op passende wijze afgesloten door nog een keer helemaal Stanley Park rond te lopen, ondeweg regelmatig pauzerend om even lekker in het gras te liggen, van het uitzicht te genieten, en mijn boek te lezen. 's Avonds heerlijk met een grote bak aziatisch afhaaleten op het strand van English Bay van de zonsondergang genoten. Een zeer bijzondere anti-stad dat Vancouver, en zeker een plek om nog eens terug te komen.